SJG1602_11

gezondheidskrant201602

nummer Gezondheidskrant SJG Weert 2 - juli 2016 11 Afscheid van Eugène Hanssen en Peter Kansen Anesthesisten met passie voor hun vak Vroeger bracht de chirurg zijn patiënten nog zelf onder narcose. Tegenwoordig is dat gelukkig allang niet meer het geval. In de jaren vijftig kwam het vak van narcotiseur Eugène Hanssen en Peter Kansen dragen hun werk met vertrouwen over aan de nieuwe generatie anesthesiologen. “De combinatie van denken en doen en de verscheidenheid in ziektebeelden waar je mee te maken krijgt, maakt dit vak uitermate boeiend” door een narcose te groot was. Dat is tegenwoordig gelukkig niet meer het geval. Patiënten zijn met moderne anesthesieapparatuur goed te monitoren en daarnaast wordt de anesthesist tijdens een operatie ondersteund door goed geschoolde anesthesieverpleegkundigen.” Meer ingrepen onder lokale verdoving Legio veranderingen zijn er in de loop der jaren doorgevoerd in de anesthesie. Eugène Hanssen: “Bij mijn komst in 1982 werd epidurale pijnstilling (ruggenprik) bij Maatwerk In het verleden lagen mensen na een heupoperatie vaak een tot twee weken in het ziekenhuis. Door de veranderde inzichten “Een heupoperatie ‘overgevlogen’ vanuit Engeland en volgden de verbeteringen elkaar in snel tempo op. En dat is maar goed ook, stellen de anesthesiologen Eugène Hanssen en Peter Kansen van SJG Weert. Na jarenlange trouwe dienst genieten ze sinds 1 juli van hun welverdiende pensioen. Vol passie vertellen ze over hun vak en gaan ze terug in de tijd. Als jonge geneeskundestudent wist Eugène Hanssen nog niet welke richting hij moest kiezen. Tot een patiënt hem vertelde dat hij banger was voor de narcose dan voor de operatie zelf. Na zijn opleiding in het Radboud in Nijmegen, waar hij nog een aantal maanden bleef om ervaring op te doen, begon Eugène op 1 februari 1982 in SJG Weert. “De combinatie van denken en doen en de verscheidenheid in ziektebeelden waar je mee te maken krijgt, maakt dit vak uitermate boeiend” vertelt hij. “Vroeger werd de patiënt verdoofd met behulp van ether, tegenwoordig heeft de anesthesioloog veel betere middelen tot zijn beschikking. Daarbij zorgt de moderne monitoring tijdens een operatie voor een veel veiligere manier van anesthesie geven en bewaken. De kans om belangrijke informatie te missen is daardoor tot het minimum teruggebracht.” Zijn collega Peter Kansen werd opgeleid in het VU Ziekenhuis in Amsterdam en begon na een carrière in het Rotterdamse Daniël den Hoed Ziekenhuis op 1 november 1995 in SJG Weert. De anesthesiologische zorg verbeteren, dat was zijn missie. “Vroeger kwamen patiënten nog geregeld tijdens een narcose te overlijden. De narcose werd op de verkeerde manier toegediend en de apparatuur was van aanzienlijk minder kwaliteit. Oudere, kwetsbare patiënten werden überhaupt niet meer geopereerd omdat het risico op overlijden bevallingen veelvuldig binnen SJG Weert toegepast. Daarin was het ziekenhuis in die tijd zeer vooruitstrevend. Voor vrouwen die moesten bevallen een uitkomst. Zij hoefden niet meer onnodig pijn te lijden. Op de operatiekamers gebeurde alle ingrepen tot die tijd onder algehele anesthesie. In 1982 ben ik begonnen om de voordelen van de epidurale pijnstilling ook te gaan gebruiken bij bijvoorbeeld grote buikoperaties, algehele anesthesie. Ook werden andere locale verdovingstechnieken ingevoerd. in dagbehandeling is alleen onder strenge voorwaarden mogelijk” en de sterk verbeterde medische techniek is die termijn fors teruggebracht; als het mogelijk is tot maar één dag. Fysiotherapeut Rob Ketelaers: “Vroeger liep je na een heupoperatie standaard zes weken lang met krukken. Nu kijken we veel meer naar de persoon. Naar wat dit gecombineerd met een lichte de patiënt kan, of hij al in staat is om zonder krukken te lopen. De zorg is veel meer maatwerk geworden. Een goede zaak.” De ochtend na de operatie wordt de patiënt thuis gebeld. Frank Rahusen: “Vijf dagen later bellen we opnieuw om te vragen hoe het gaat. De informatie die we op deze manier verzamelen, gebruiken we om de zorg nóg verder te verbeteren. Twee maanden na de ingreep zien we de patiënt terug op het spreekuur. Als er in de tussentijd iets is, kunnen ze altijd bellen. Alles wat we hier doen, doen we voor onze patiënten.” Vervolg pagina 9 Bijvoorbeeld door de anesthesist bij de preoperatieve screening. Maar ook na de operatie, wanneer de patiënt op de recovery wordt opgehaald, kan de verpleegkundige besluiten dat het verstandiger is om de patiënt nog wat langer te laten blijven. Bijvoorbeeld als iemand te veel pijn heeft. Ook de fysiotherapeut, die op de middag na de operatie al de eerste bewegingsoefeningen doet met de patiënt, kan een no go geven. En last but not least bepalen de patiënt en zijn partner zelf wat er gebeurt. Als zij vlak voor het ontslag aangeven dat ze het toch niet aandurven om al naar huis te gaan, dan gebeurt dat niet. Zo simpel is het.” Peter Kansen vult aan: “ Sinds 2002 worden alle patiënten – behalve spoedpatiënten - die zowel klinisch als in dagbehandeling een operatie moeten ondergaan vóór de operatie door de anesthesist gezien tijdens het preoperatief spreekuur. Alle mogelijke risico’s worden hierdoor op voorhand ingeschat, hetgeen de zorg aanzienlijk veiliger heeft gemaakt. ” En dat was niet de enige verbetering. Met de komst van de nieuwe OK-units in 2009 ontstond een perfecte werkomgeving die aan alle voorwaarden voldoet. Ook de verschuiving van volledige narcose naar meer locoregionale technieken in combinatie met pijnstilling is opvallend. Een locoregionale vorm van anesthesie wordt nu bij ongeveer de helft van alle operatieve ingrepen ingezet. Het grote voordeel is dat de patiënt sneller herstelt, met meer comfort en minder kans op complicaties. Al deze veranderingen binnen het vakgebied hebben ervoor gezorgd dat de patiëntveiligheid tijdens een operatieve ingreep enorm is toegenomen. Super OK-team De twee anesthesiologen loven de teamspirit binnen het operatiecentrum. Zij zijn uiterst tevreden over de goed opgeleide OK-verpleegkundigen en de ‘bovengemiddeld goede’ anesthesiemedewerkers. Binnen het OK-team is er weinig verloop en is er een prima onderlinge sfeer met ruimte voor feedback. En dat is niet altijd vanzelfsprekend weten Eugène Hanssen en Peter Kansen uit ervaring. “Het is een geruststellende gedachte dat wij ons werk met vertrouwen kunnen overdragen aan de nieuwe generatie anesthesiologen.” www.facebook.com/sjgweert www.twitter.com/ @SJGWeert


gezondheidskrant201602
To see the actual publication please follow the link above